Hepatitis A

Hepatitis A (ook wel besmettelijke geelzucht) is een virusinfectie van de lever. Het virus komt vooral in de (sub)tropen voor. Vrijwel alle bewoners van deze gebieden hebben Hepatitis A ooit doorgemaakt.

Besmetting
Het risico op Hepatitis A is het grootst in (sub)tropische gebieden. Het virus komt ook voor in bekende vakantielanden als Turkije, Tunesië en Egypte. De kans op een infectie bestaat op alle plekken waar hygiëne en sanitaire voorzieningen onder de maat zijn. Hepatitis A wordt overgebracht door besmet voedsel en water. Oorspronkelijk zit het virus in ontlasting. De overdracht gebeurt via met ontlasting besmette handen, voorwerpen, voedsel en water. Naarmate de hygiënische omstandigheden slechter zijn, neemt de kans op besmetting toe. Riolen die uitkomen in zwemwater vormen een directe infectiebron voor zwemmers maar ook voor schaal- en schelpdieren omdat deze zich voeden met organisch materiaal. Mensen die besmet zeevoedsel eten, kunnen hierdoor Hepatitis A oplopen. Ook rauwe groenten, fruit en salades vormen een bron van besmetting als ze zijn gewassen in besmet water.

Verschijnselen
De meest voorkomende symptomen van Hepatitis A zijn: algehele malaise, koorts, hoofdpijn, vermoeidheid, gebrek aan eetlust, misselijkheid, pijn in de bovenbuik, diarree, donkere urine en lichtgekleurde ontlasting. Vaak kleuren de huid en het oogwit gelig, vandaar de term ‘geelzucht’. Volwassenen zijn gemiddeld vier tot zes weken ziek van Hepatitis A. Een kwart van de patiënten kan langer dan zes maanden niet werken. Bij kleine kinderen verloopt de infectie mild en soms zelfs zonder klachten.

Preventie
In veel landen is de kans om deze ziekte op te lopen groot. Daarom wordt bescherming bij bezoek aan veel (sub)tropische landen en een aantal landen in Oost-Europa aanbevolen. Een serie van twee vaccinaties geeft minimaal 25 jaar bescherming.